Beperking Btw aftrek bij het uitdelen van “gratis” producten

18/07/17 “Een gratis staaltje, een gadget met de bedrijfsnaam, de trouwe klanten en leveranciers belonen met een geschenkje,…” Elke onderneming kent het wel, maar weet ook elke onderneming welke btw-gevolgen deze gulle gebaren met zich meebrengen? Als geheugensteuntje heeft de fiscus recent een circulaire gepubliceerd waarin zij de belangrijkste btw-aandachtspunten samenvat.

A) De spelregels

Alvorens dieper te graven in de btw-behandeling van enkele veel voorkomende vrijgevigheden, wordt even stilgestaan bij de algemene principes.

Geen recht op btw-aftrek vs. btw-belaste onttrekking

Een btw-plichtige kan slechts de btw in aftrek brengen met betrekking tot goederen of diensten die hij aankoopt met de bedoeling deze aan te wenden voor het verrichten van een btw-belaste handeling (het zgn. “bestemmingsprincipe”). Een btw-belaste handeling kan beknopt worden verwoord als een levering van een goed of dienst die onder “bezwarende titel wordt verricht” (=waarvoor een prijs wordt betaald). Wanneer op het moment van aankoop reeds geweten is dat het goed of de dienst gratis zal worden verstrekt, heeft de btw-belastingplichtige dus in principe geen recht op aftrek van btw.

Soms is op het tijdstip van de aankoop de bestemming van de goederen nog niet gekend en wordt de btw bij aankoop in aftrek gebracht. Als nadien blijkt dat de goederen gratis werden weggegeven, moet een correctie worden verricht. Deze correctie gebeurt via een onttrekking of anders gezegd, de btw-plichtige doet alsof hij het geschonken goed onder bezwarende titel aan zichzelf heeft verkocht en draagt hierop btw af via zijn btw- aangifte. De verschuldigde btw wordt berekend op de aankoopprijs of de kostprijs van het goed, beoordeeld op het moment waarop de onttrekking plaatsvindt.

Wettelijk vermoeden van de verkochte voorraad vs. Tegenbewijs

Een belastingplichtige wordt geacht de goederen die hij heeft verkregen of geproduceerd om te verkopen, ook daadwerkelijk te hebben geleverd onder voorwaarden die de btw opeisbaar maken. Bovendien wordt deze levering geacht te zijn verricht op het moment waarop deze goederen niet meer aanwezig zijn in de voorraad van de belastingplichtige. Deze vermoedens zijn evenwel weerlegbaar. Het is dus van belang om het nodige bewijs voor te leggen dat de weggeschonken goederen het voorwerp hebben uitgemaakt van een gratis levering. Dit bewijs kan onder meer geleverd worden aan de hand van een intern stuk of door een ontvangstbewijs dat door de verkrijger ondertekend wordt. Merk op dat dit stuk niet enkel opgemaakt moet worden in geval van een onttrekking, maar ook wanneer het recht op btw-aftrek van bij het begin niet werd uitgeoefend.

Wettelijke aftrekbeperkingen vs. Toleranties

Een flesje sterke drank of een kistje sigaren lenen zich vaak tot het ideale relatiegeschenk. Echter gooit de btw-wetgeving hier roet in het eten. Voor geestrijke dranken en tabaksfabricaten bestaat er, wegens de aard van de goederen, immers een volledige aftrekuitsluiting die voorrang heeft op eventuele toleranties in dit verband.

B) De uitzonderingen op de (spel)regel(s)

Op basis van de algemene btw-principes, kan de aangerekende btw met betrekking tot de aankoop of vervaardiging van goederen die nadien gratis worden weggegeven niet in aftrek worden gebracht. Hierop bestaan evenwel een aantal uitzonderingen. Het zijn deze uitzonderingen die in de nieuwe circulaire worden toegelicht.

1) Reclame

Handelsmonsters en staaltjes

Het gratis uitdelen van handelsmonsters wordt in de btw-wetgeving expliciet uitgesloten van de verplichting tot onttrekking. De btw geheven op de aankoop- of kostprijs is dus volledig aftrekbaar.

Om te kunnen spreken van een “handelsmonster” moet het gaan om een kleine hoeveelheid van een product dat door de belastingplichtige wordt geproduceerd of verkocht met de bedoeling om een toekomstige gebruiker te laten kennismaken met de kenmerken van het product.

Reclameartikelen

De btw op de aankoop van voorwerpen zoals balpennen en sleutelhangers die niet door de belastingplichtige worden verkocht of geproduceerd, maar die gratis worden uitgedeeld met als doel de naamsbekendheid van de onderneming te vergroten, is onder bepaalde voorwaarden eveneens aftrekbaar. Deze voorwaarden liggen in lijn met de voorwaarden inzake de (100%) aftrekbaarheid voor directe belastingen en kunnen als volgt worden samengevat:

  • De voorwerpen zijn gebruiksgoederen;
  • De voorwerpen hebben een geringe waarde;
  • De voorwerpen dragen op blijvend wijze de benaming, de afkorting, het logo of het handelsmerk van de schenkende onderneming;
  • De voorwerpen zijn bestemd voor een zeer grote verspreiding.

Verbruiksgoederen (bv. pralines met de naam van het bedrijf) en waardevolle artikelen kunnen bijgevolg niet aangemerkt worden als reclameartikelen.

2) Liefdadigheid

Slachtoffers van rampen

Wanneer een belastingplichtige goederen wegschenkt aan slachtoffers van een ramp, diende hij tot voor kort een onttrekking te verrichten in de gevallen waarbij de aankoopprijs of de normale waarde van goed het bedrag van € 50,00 overschreed. De nieuwe circulaire schaft deze beperking af. Men kan dus voortaan vanuit btw-oogpunt onbeperkt vrijgevig zijn ten aanzien van slachtoffers van rampen.

Voedseloverschotten

Sinds enkele jaren kunnen ondernemingen onder bepaalde voorwaarden voedseloverschotten weggegeven zonder dat zij hierbij het recht op btw-aftrek verliezen of hiervoor een btw-belaste onttrekking moeten verrichten. De tolerantie is enkel van toepassing op de gratis verstrekking van voedseloverschotten. Dit houdt in dat het moet gaan om voedselproducten voor menselijke consumptie die onderworpen zijn aan een verlaagd btw-tarief (6% of 12%) en die omwille van commerciële redenen niet meer (kunnen) worden verkocht. Bovendien geldt de tolerantie enkel wanneer de voedseloverschotten geschonken worden aan erkende Voedselbanken, lokale besturen (bv. OCMW’s) of lokale caritatieve instellingen die de producten op hun beurt gratis verdelen onder hulpbehoevenden.

Voor de vennootschapsbelasting worden liberaliteiten beschouwd als een verworpen uitgave, tenzij het gaat om giften in geld aan bepaalde erkende instellingen binnen bepaalde grenzen. Er kan geen vrijstelling worden toegepast voor giften in natura (zoals voedseloverschotten) aan erkende instellingen, aangezien deze uitzondering enkel giften in geld beoogd.

3) Geschenken

Handelsgeschenken

Net zoals het kosteloos uitdelen van handelsmonsters, wordt ook het verstrekken van handelsgeschenken van geringe waarde wettelijk uitgesloten van het toepassingsgebied van de onttrekkingen. Onder handelsgeschenken wordt verstaan “de voorwerpen die periodiek of toevallig worden aangeboden in het kader van beroepsrelaties”. In tegenstelling tot de handelsmonsters gaat het hierbij meestal (maar niet noodzakelijk) om goederen die niet door de belastingplichtige worden geproduceerd en/of verkocht.

Om volledig aftrekbaar te zijn is het vereist dat het handelsgeschenk een geringe waarde heeft. Dit is het geval wanneer de waarde van het geschenk lager is dan € 50,00 exclusief btw. Met de publicatie van deze circulaire wordt er bovendien een bijkomende voorwaarde opgelegd: het recht op aftrek van btw wordt namelijk slechts toegestaan voor één geschenk per beroepsrelatie per kalenderjaar. Meerdere geschenken met een waarde lager dan € 50,00 (exclusief btw) die binnen hetzelfde kalenderjaar aan dezelfde persoon worden gegeven, komen dus niet langer (allemaal) in aanmerking voor het recht op btw-aftrek, zelfs niet als de totale waarde van de verschillende geschenken minder dan € 50,00 bedraagt.

De tolerantie geldt enkel voor het schenken van goederen en niet voor diensten. De enige uitzondering hierop is het wegschenken van een Single Purpose Voucher die als voorwerp een dienstprestatie heeft (bv. een bioscoopticket). Pro memorie zijn relatiegeschenken als beroepskost voor de directe belastingen slechts voor 50%, aftrekbaar ongeacht de waarde van het geschenk.

Geschenken aan het personeel

Geschenken die naar aanleiding van een bepaalde gelegenheid, zoals Nieuwjaar of Sinterklaas, aan personeelsleden of aan hun kinderen worden geschonken kunnen onder bepaalde voorwaarden ook genieten van een volledig recht op btw-aftrek. Daar waar het btw-standpunt tot voor kort nog vasthield aan de kwalificatie als aftrekbaar collectief sociaal voordeel voor de inkomstenbelastingen, lijkt de btw-administratie nu zelf “eigen” voorwaarden op te stellen:

  • Het geschenk wordt uitgedeeld aan alle personeelsleden of aan alle kinderen van personeelsleden. In dit laatste geval mag een leeftijdsvoorwaarde opgelegd worden;
  • De waarde van het geschenk is lager dan € 50,00 (exclusief btw).

Ook hier wordt het recht op btw-aftrek, naar analogie met de handelsgeschenken, slechts toegestaan voor één geschenk per personeelslid en per kind per kalenderjaar. Merk op dat grensbedrag werd opgetrokken van € 35,00 naar € 50,00, althans toch voor btw-doeleinden. Voor directe belastingen blijft dit € 35,00. Vermoedelijk zal het grensbedrag ook voor inkomstenbelastingen nog verhoogd worden.

Het is een verademing dat de btw-administratie het één en ander heeft samengevoegd tot één document en haar standpunten in zekere mate geharmoniseerd heeft met de bepalingen inzake inkomstenbelastingen. Toch één klein aandachtspuntje: de circulaire vermeldt geen datum van inwerkingtreding, zodat het gissen is vanaf wanneer de aangepaste regels uitwerking hebben en enkele oude btw- beslissingen zijn ingetrokken.

Blijven er vragen ? Contacteer uw Alteor dossierbeheerder.

 

Deel dit bericht op:


Andere actua berichten

Belasting van de meerwaarde bij verkoop aandelen in uw vennootschap

15/11/18 In principe wordt de gerealiseerde meerwaarde bij de verkoop van aandelen vanuit je vennootschap vrijgesteld van belastingen. De voorwaarden van deze vrijstelling werden echter recentelijk verstrengd.

Lees meer

Dagvergoeding voor binnenlandse dienstenreizen

08/11/18 Ook als bedrijfsleider kan je aanspraak maken op het forfait “binnenlandse dienstreizen” van 16,73 €/dag als je de voorwaarden respecteert.

Lees meer

Wonen in een pand van je vennootschap wordt een fiscaal risico

30/10/18 Lange tijd was het geen probleem om te wonen in een gebouw dat eigendom was van je vennootschap. Ingevolge wijzigende rechtspraak wordt dit echter een steeds groter risico.

Lees meer