Btw-vrijstelling kleine onderneming

27/08/18 Een onderneming kan zich niet zomaar beroepen op de toepassing van de btw-vrijstelling voor kleine ondernemingen. Zij moet daarvoor uitdrukkelijk hebben gekozen, voorafgaandelijk aan de opstart van haar activiteiten.

Heeft een kleine onderneming (< 25.000 € omzet/jaar) niet voorafgaandelijk geopteerd voor de btw-vrijstellingsregeling, dan gelden de normale regels en moet er btw worden betaald op de omzet, zelfs indien deze het drempelbedrag niet heeft overschreden. Heeft een onderneming niet expliciet geopteerd voor de vrijstelling, kan ze deze achteraf niet meer inroepen. Europese rechtspraak heeft dit recentelijk bevestigd.

Een onderneming kan na opstart nog wel opteren voor deze vrijstelling indien de omzetdrempel in het vorig kalenderjaar niet werd overschreden. Ze dient haar keuze te laten weten aan het btw-kantoor voor 01 juni van het daaropvolgende jaar. De vrijstelling zal dan gelden voor de handelingen vanaf 01 juli. Wil je reeds vanaf 01 januari genieten van de vrijstelling dien je voor 15 december een aanvraag in te dienen van het lopende jaar, op basis van de geraamde omzet. Dus ook in deze gevallen kan de vrijstelling niet retroactief worden toegepast.

Belangrijkste kenmerken van de vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen :

Het grootste voordeel van btw-vrijstellingsregeling is dat er geen btw aangerekend moet worden op de omzet en er geen periodieke btw aangiften moeten worden ingediend. Daartegenover staat dat de onderneming geen btw kan aftrekken die werd betaald aan leveranciers. De regeling is bijgevolg vooral interessant wanneer het cliënteel geen recht heeft op btw aftrek (bv. particulieren) en/of de btw op de aankopen beperkt is.

In principe komt elke onderneming in aanmerking voor deze regeling. Expliciet uitgesloten zijn bepaalde sectoren (aannemers, btw eenheden, horeca, landbouwers,…) of verrichtingen (verkoop nieuwbouw, levering tabaksproducten,…).

Een kleine onderneming is voor deze regeling een onderneming met minder dan 25.000 €/omzet per kalenderjaar. Bij een starter moet de omzet geraamd worden, bij een eerste onvolledig jaar moet de drempel overeenkomstig beperkt worden. Heb je een vrijstelling maar overschrijd je tijdens het jaar de drempel moet dit gemeld worden aan het btw controlekantoor en moet je dadelijk te starten met het aanrekenen van btw.

De vrijgestelde onderneming moet nog steeds facturen afleveren, doch dient volgende melding aan te brengen “bijzondere vrijstellingsregeling kleine ondernemingen” en mag natuurlijk geen btw aanrekenen. Ook het indienen van een jaarlijkse klantenlisting is in sommige gevallen nog steeds verplicht (nihil listings moeten niet langer ingediend worden).

Ter volledigheid, deze vrijstellingsregeling is facultatief, niet verplicht. Twijfel je wat te doen, overleg met je boekhouder of accountant.

 

Deel dit bericht op:


Andere actua berichten

De notionele interestaftrek, anno 2019

21/03/19 De “aftrek voor risicokapitaal” of zogenaamde “notionele interestaftrek” is een maatregel waarmee alle ondernemingen onderworpen aan de vennootschapsbelasting een aftrek van hun belastbaar inkomen kunnen toepassen in de vorm van een fictieve rente die wordt berekend op basis van hun eigen vermogen.

Lees meer

De btw-listing

12/03/19 Jaarlijks moeten btw-plichtige ondernemingen een klantenlisting indienen. Deze lijst bevat de Belgische btw nummers van de klanten aan wie uw onderneming diensten heeft verstrekt of goederen heeft geleverd voor een jaarbedrag van meer dan 250,00 euro.

Lees meer

Voorafbetalingen vennootschapsbelasting 2019 (aanslagjaar 2020)

06/03/19 Vennootschappen krijgen een belastingverhoging aangerekend als ze onvoldoende of geen voorafbetaling vennootschapsbelasting uitvoeren. Het tarief van deze verhoging bleef voor 2019 (aanslagjaar 2020) ongewijzigd.

Lees meer