Coronacrisis : consumptiecheque

01/08/20 Ter ondersteuning van de getroffen sectoren kan elke werkgever beslissen om consumptiecheques toe te kennen aan zijn werknemers.  Deze cheques mogen alleen gebruikt worden in horeca-inrichtingen, de cultuursector of sportverenigingen.

Mits aan de voorwaarden wordt voldaan zijn er geen RSZ-bijdragen of bedrijfsvoorheffing op verschuldigd en is de consumptiecheque volledig aftrekbaar als beroepskost voor de werkgever.

Om vrijgesteld te zijn van RSZ-bijdragen moet de consumptiecheque aan de volgende voorwaarden voldoen :

  • De toekenning van consumptiecheques moet vervat zijn in een collectieve arbeidsovereenkomst op sectoraal of op ondernemingsvlak.  Bij gebrek aan een vakbondsafvaardiging kan de toekenning geregeld worden door een individuele overeenkomst;
  • De consumptiecheque kan niet in de plaats komen van verworven loon, premies of andere voordelen;
  • De overeenkomst (sectorale cao, ondernemings-cao of individuele overeenkomst) moet de maximale nominale waarde van de consumptiecheque bepalen, met een maximum van 10 €/consumptiecheque;
  • De consumptiecheque moet op naam van de werknemer worden uitgereikt.  Deze voorwaarde wordt geacht te zijn vervuld als de toekenning ervan en de daarop betrekking hebbende gegevens (aantal en bedrag van de consumptiecheque) voorkomen op de individuele rekening van de werknemer;
  • Op de consumptiecheque moet het volgende vermeld staan:
    • dat hij geldig is tot 7 juni 2021;
    • de datum waarop hij werd uitgereikt (hij kan uitgereikt worden tot 31 december 2020);
    • dat hij slechts besteed mag worden:
      • in horeca-inrichtingen of
      • in inrichtingen die behoren tot de culturele sector (erkend, goedgekeurd of gesubsidieerd door de bevoegde overheid) of
      • in sportverenigingen (voor wie een federatie, erkend of gesubsidieerd door de gemeenschappen, bestaat of behoren tot een van de nationale federaties);
  • De consumptiecheque kan geheel noch gedeeltelijk voor geld omgeruild worden;
  • Het totaalbedrag van de consumptiecheques die de werkgever toekent, mag niet meer bedragen dan 300 € per werknemer.

De consumptiecheque kan aan iedereen worden toegekend of aan een objectief afgebakende categorie binnen het personeel.  Een individuele toekenning is uitgesloten.  Het statuut van de werknemers, het aantal dienstjaren… kunnen een objectief criterium uitmaken bij de selectie.  De werkgever bepaalt de categorieën en zal deze moeten rechtvaardigen bij een eventuele controle.  In ieder geval mag de toekenning van consumptiecheques nooit discriminerend gebeuren op basis van de arbeidsduur, de duur van het arbeidscontract, het geslacht van de medewerker…

De consumptiecheque die overeenkomstig de hierboven vermelde sociale zekerheidsvoorwaarden wordt toegekend is tevens vrijgesteld van inkomstenbelastingen.

Bovendien is hij (in tegenstelling tot bv de maaltijdcheques of ecocheques) volledig aftrekbaar als beroepskost voor de werkgever als aan diezelfde vrijstellingsvoorwaarden voldaan wordt.

Of deze cheque ook kan worden toegekend aan de bedrijfsleider bestaat nog discussie over.  Volgens de laatste berichten zou dit niet het geval zijn.

De consumptiecheques zouden intussen, naast horecazaken, erkende culturele verenigingen en sportverenigingen voor wie een federatie bestaat, ook kunnen worden ingeruild bij kleine handelszaken (grote ketens worden uitgesloten) die verplicht langer dan één maand gesloten waren (bv. boekhandel, schoonheidssalon,…).  De papieren versie van deze cheque zou ook de vorm kunnen aannemen van een aankoopbon die door een lokaal bestuur wordt aangeboden om bij (meerdere) plaatselijk handelaars te gebruiken. 

Meer tips & trics ? Lees meer

 

Deel dit bericht op:


Andere actua berichten

Coronacrisis: geen btw decembervoorschot in 2020

22/09/20 Sinds enkele jaren moeten alle btw-plichtigen jaarlijks voor 24 december een btw voorschot betalen.  Deze verplichting werd naar aanleiding van de corona crisis voor 2020 afgeschaft.

Lees meer

Belasting meerwaarde bij de verkoop van een gebouw

18/09/20 Bij een (snelle) verkoop van een gebouw in je privé ben je in sommige gevallen belastingen verschuldigd over de gerealiseerde meerwaarde.

Lees meer

2e wagen op de zaak niet langer evident

11/09/20 Zolang er een voordeel van alle aard werd berekend, maakte de fiscaal controleur er vroeger vaak geen probleem van dat er een tweede wagen werd ingeschreven in een vennootschap met slechts één bedrijfsleider.  Maar dat is de laatste jaren steeds minder evident geworden.

Lees meer