De korting roerende voorheffing dividenden 2018 verwerken in je aangifte personenbelasting

28/05/19 In een poging om het slapend geld op spaardeposito’s te laten investeren in bedrijven, werd er vanaf vorig jaar een nieuwe vrijstelling roerende voorheffing voorzien op de eerste schijf van 640,00 € aan ontvangen dividend. Deze vrijstelling werd niet automatisch toegepast bij uitkering in 2018, maar moet je nu aanvragen in je aangifte personenbelasting.

De vrijstelling is van toepassing op alle dividenden van aandelen of winstbewijzen, ongeacht of het om inkomsten van binnen- of buitenlandse oorsprong gaat. Dus alle periodieke dividenden komen in aanmerking, met uitzondering van o.a. dividenden van fondsen, of dividenden toegekend door juridische constructies onderworpen aan de kaaimantaks. Ook interesten op je rekening courant, die fiscaal geherkwalificeerd werden als een dividend, komen niet in aanmerking.

In tegenstelling tot andere vergelijkbare vrijstellingen wordt deze nieuwe maatregel niet toegepast bij de inhouding van de roerende voorheffing, maar moet ze worden aangevraagd in de aangifte personenbelasting. Wanneer je in 2018 dividenden van aandelen hebt ontvangen die tegen verschillende tarieven roerende voorheffing zijn belast, mag je zelf bepalen voor welke inkomsten je deze vrijstelling vraagt.

Je vraagt de vrijstelling aan door in je aangifte personenbelasting in vak VII, code 1437 of 2437 (partner), de roerende voorheffing van de vrijgestelde dividenden te vermelden. Het bedrag aan ontvangen dividend moet je niet vermelden in je aangifte. De vrijstelling van 640,00 € dividend geldt per partner. Je kan dus per partner telkens maximaal 192,00 € terugvorderen (30% op 640,00 €).

Voor inkomstenjaar 2019 wordt deze vrijstelling zelfs opgetrokken naar 800,00 € (= maximaal 240,00 € roerende voorheffing terug te vragen).

Wordt je aangifte ingevuld door een boekhouder of fiscalist, vergeet dan zeker niet hem/haar attent te maken op de dividenden die je tijdens 2018 ontving !

Meer tips & tricks ?  Lees meer

 

Deel dit bericht op:


Andere actua berichten

Liquidatiereserves vanaf 2020 optimaal uit te keren

27/01/20 Heb je in boekjaar 2014 een liquidatiereserve aangelegd, dan kan je deze vanaf dit jaar uitkeren aan het verlaagde tarief van 5% roerende voorheffing. Het is immers sinds boekjaar 2014 (aanslagjaar 2015) mogelijk om liquidatiereserves aan te leggen, wat wil zeggen dat in veel dossiers de wachttijd van 5 jaar is afgelopen.

Lees meer

Hoofdelijke aansprakelijkheid voor sociale en fiscale schulden bij werken in onroerende staat : de inhoudingsplicht

24/01/2020 De inhoudingsplicht geldt voor iedereen die door een (onder)aannemer werken in onroerende staat laat uitvoeren. Dit geldt bijgevolg voor de opdrachtgever, aannemer en onderaannemer. Enkel de natuurlijke persoon die louter voor privédoeleinden werken laat uitvoeren valt niet onder deze regeling.  Nog te vaak denkt de ondernemer of zelfstandige dat de regeling op hem niet van toepassing is omdat hij niet actief is in de bouwsector, niet beseffend dat hij waarschijnlijk wel ergens een onderhouds- of reinigingsovereenkomst heeft afgesloten dat een (gelijkgesteld) werk in onroerende staat blijkt te zijn. 

Lees meer

Vanaf wanneer is een vennootschap “groot”

20/01/20 De grootte van uw vennootschap heeft een invloed op veel wettelijke verplichtingen en fiscale maatregelen. De materie is echter complexer dan dat ze op het eerste zicht lijkt.

Lees meer