De notionele interestaftrek, anno 2019

28/03/19 De “aftrek voor risicokapitaal” of zogenaamde “notionele interestaftrek” is een maatregel waarmee alle ondernemingen onderworpen aan de vennootschapsbelasting een aftrek van hun belastbaar inkomen kunnen toepassen in de vorm van een fictieve rente die wordt berekend op basis van hun eigen vermogen.

Deze aftrek vermindert de fiscale discriminatie tussen financiering met vreemd vermogen (aangaan van een lening) en de financiering met eigen vermogen (storting kapitaal, of bv. winsten behouden in je vennootschap). Interesten op leningen van derden zijn immers aftrekbaar, daar waar dividenden (de vergoeding voor het eigen vermogen) dat niet zijn. Rendement op eigen vermogen werd fiscaal dus afgestraft ten opzichte van rendement op vreemd vermogen.

De notionele interestaftrek kan je dus bekijken als een beloning om het eigen vermogen in je vennootschap hoog te houden. Deze aftrek wordt berekend op basis van je “gecorrigeerd” eigen vermogen : van dit vermogen moeten immers “besmette” activa worden afgetrokken : aandelen participaties, het door de bedrijfsleider gebruikte pand, enz.

Het aftrekbaar percentage van deze aftrek was echter al enkele jaren sterk verminderd, waardoor deze maatregel steeds minder interessant werd (voor aanslag jaar 2019 bedraagt deze aftrek nog slechts 0,746% van je gecorrigeerd eigen vermogen, voor kmo’s bedraagt de aftrek 1,246%). En vanaf 2018 heeft de fiscus (als compenserende maatregel hervorming vennootschapsbelasting) ook de basis van de berekening ingrijpend gewijzigd. Vanaf aanslagjaar 2019 (boekjaar 2018) wordt deze aftrek immers niet langer berekend op basis van het totaal eigen vermogen, zoals dit vermeld staat in je balans. Maar op basis van de aangroei van dit eigen vermogen : namelijk op 20% van het positief verschil van het (gecorrigeerd) eigen vermogen bij het begin van het belastbaar tijdperk (dus bv. 01/01/2018) en het eigen vermogen bij het begin van het vijfde voorgaande belastbaar tijdperk (dus bv. 01/01/2013). Hierdoor smelt de berekeningsbasis in veel gevallen volledig weg of wordt deze korting minimaal. Ter volledigheid : wijzigingen in het eigen vermogen in de loop van het boekjaar zelf (of in het vijfde vorige boekjaar) hebben niet langer een invloed op de berekeningsbasis.

Bovenstaande aanpassingen hebben tot gevolg dat in veel (kmo) dossiers opnieuw zal worden geopteerd om de investeringsaftrek toe te passen : een korting op de nieuwe investeringen in je vennootschap (lees meer). Je boekhouder zal in jouw dossier een simulatie maken van deze twee (niet combineerbare) maatregelen en de voordeligste weerhouden.

Nog slimmer worden ?  Lees meer

 

Deel dit bericht op:


Andere actua berichten

De fiscaliteit van een elektrische wagen in je vennootschap

16/05/19 Over de fiscaliteit van een elektrische auto in een vennootschap bestaat heel wat verwarring. Vaak is deze fiscaliteit minder voordelig dan wordt gedacht, dus tijd voor een overzichtje.

Lees meer

Nieuwe codes aangifteformulier personenbelasting AJ 2019

07/05/2019 Het nieuwe aangifteformulier personenbelasting voor aanslagjaar 2019 werd op 7 april gepubliceerd, het startschot voor de jaarlijkse aangifterace is dus gegeven. Voor de Vlaamse aangifte zijn er “slechts” 6 codes bijgekomen en voor de Waalse en de Brusselse aangifte telkens “slechts” 7 codes. Toch mag men nog niet te vroeg juichen, er zijn namelijk een groot aantal nieuwe maatregelen die vanaf dit jaar spelen.  Hieronder een overzicht van de belangrijkste nieuwe codes/wijzigingen.

Lees meer

De bv in het nieuwe vennootschapsrecht

19/04/19 De vertrouwde vennootschapsvorm bvba wordt in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV), van toepassing vanaf 01 mei 2019, een bv (besloten vennootschap). De nieuwe vennootschapsvorm voor kleine en (middel)grote ondernemingen.

Lees meer