Het nieuwe vennootschapsrecht

02/05/18 Vorig jaar werden de voorontwerpen goedgekeurd en, indien alles volgens schema verloopt, zou het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) begin 2019 in werking treden. De hervorming legt de nadruk op vereenvoudiging en flexibilisering, met de bedoeling het ondernemingsklimaat aantrekkelijker te maken.

In dit artikel vatten we grootste krachtlijnen samen :

Minder vennootschapsvormen
Van alle huidige vennootschapsvormen worden er slechts 4 basisvormen behouden :
De Besloten Vennootschap (Bv) : de huidige Bvba, maar zonder de verplichting van een minimum kapitaal, wordt de nieuwe standaard. Een grotere flexibiliteit biedt de mogelijkheid om een vennootschap “op maat” te maken. Zo zou het mogelijk worden om bv. aandelen zonder stemrecht, preferente aandelen, ed uit te geven. Ter vervanging van het verplichte minimum kapitaal komt er een nieuwe schuldbescherming : een “toereikend” kapitaal op basis van een beter uitgewerkt financieel plan en een strengere bestuurdersaansprakelijkheid (maar wel beperkt in bedrag) moeten hier voor zorgen. Een dividenduitkering is enkel mogelijk na een balanstest (het eigen vermogen mag niet negatief worden) en liquiditeitstest (de onderneming moet in staat blijven haar schulden te voldoen).
De Naamloze Vennootschap (Nv) : hier blijft het minimumkapitaal (61.500 €) wel behouden, maar de Nv zou nu ook opgericht kunnen worden door slechts één vennoot. Ook zal het hierdoor mogelijk worden dat een Nv nog slechts 1 bestuurder heeft. In principe de vennootschapsvorm voorbehouden voor de (zeer) grote ondernemingen.
De Coöperatieve Vennootschap (Cv) : voor minstens 3 aandeelhouders, allemaal slechts beperkt aansprakelijk.
De Maatschap : persoonlijke en onbeperkte aansprakelijkheid, eenvoudige oprichting door minimum 2 vennoten. 
Vermoedelijk zulllen de huidige Vof en Comm.V. apart blijven bestaan.

Eén wetboek voor verenigingen en vennootschappen
Het nieuwe wetboek (WVV) zal van toepassing zijn op vennootschappen en verenigingen. Niet de aard van de activiteiten, maar het nastreven van winstuitkering wordt het enige criterium om vennootschappen van verenigingen te onderscheiden. Met een vereniging zal je dus winst mogen maken (waarover nu soms nog wel eens discussie bestaat), zolang ze maar wordt uitgekeerd aan een belangeloos doel (en dus niet aan de aandeelhouders, bestuurders,…).

Afschaffing onderscheid handels- en burgerlijke vennootschappen
Het onderscheid tussen “commerciële” handelsvennootschappen (bv. een winkel) en “niet-commerciële” burgerlijke vennootschappen (bv. uw boekhouder) valt weg. Alle vennootschappen, vzw’s, stichtingen, vrije beroepers, landbouwers,… vallen in de toekomst onder eenzelfde noemer van “ondernemingen” en worden als dusdanig behandeld. Dit zal bv. tot gevolg hebben dat ook burgerlijke vennootschappen en vzw’s een faillissement kunnen aanvragen. De “Rechtbank van Koophandel” wordt omgedoopt tot de “Ondernemingsrechtbank”

Overgangsregeling
Bestaande vennootschappen krijgen een overgangsperiode. Zij zullen tijd krijgen tot 1 januari 2024 om hun statuten in overeenstemming te brengen met het nieuwe vennootschapsrecht. Doen ze niets dan worden ze van rechtswege omgevormd tot de meest passende vorm. Een tussentijdse wijziging in de statuten zal wel tot gevolg hebben dat de volledige statuten in overeenstemming moeten worden gebracht met het nieuwe Wetboek. Nieuwe oprichtingen zullen, waarschijnlijk vanaf januari 2019, dadelijk de nieuwe regels moeten volgen.

Vragen ?  Contacteer uw Alteor dossierbeheerder.

 

Deel dit bericht op:


Andere actua berichten

De bv in het nieuwe vennootschapsrecht

15/04/19 De vertrouwde vennootschapsvorm bvba wordt in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV), van toepassing vanaf 01 mei 2019, een bv (besloten vennootschap). De nieuwe vennootschapsvorm voor kleine en (middel)grote ondernemingen.

Lees meer

Bijkomende heffing bedrijfsleiders afgeschaft

05/04/2019 Neem je een te lage bezoldiging uit je vennootschap, dan verlies je niet alleen het voordeel van het verlaagde tarief vennootschapsbelasting, maar betaal je bovendien binnen de vennootschap een bijkomende heffing van 5,1% op het bedrag dat je te weinig nam aan bezoldiging. Deze bijkomende heffing is nu afgeschaft.

Lees meer

De notionele interestaftrek, anno 2019

28/03/19 De “aftrek voor risicokapitaal” of zogenaamde “notionele interestaftrek” is een maatregel waarmee alle ondernemingen onderworpen aan de vennootschapsbelasting een aftrek van hun belastbaar inkomen kunnen toepassen in de vorm van een fictieve rente die wordt berekend op basis van hun eigen vermogen.

Lees meer