Maaltijdcheques van 8 naar 10 euro
18/11/25 De maximale waarde per cheque wordt vanaf 2026 verhoogd van 8 naar 10 € per werkdag.
De maaltijdcheque blijft één van de populairste extralegale voordelen in België. Voor werknemers is de impact van deze verhoging vooral positief. Een hogere waarde betekent een groter netto voordeel, zonder dat zij hier extra belastingen op betalen. Werkgevers kunnen maaltijdcheques blijven toekennen zonder dat het voordeel als loon wordt beschouwd, op voorwaarde dat de eigen bijdrage van de werknemer (of bedrijfsleider) minimaal 1,09 euro per cheque bedraagt en de maximale bijdrage van de werkgever 6,91 €, en vanaf 2026 8,91 €. Bij de verhoging naar 10 euro stijgt dus de werkgeversbijdrage. Dit resulteert in extra kosten, zeker voor bedrijven met veel personeel. Toch blijft het systeem fiscaal aantrekkelijker dan een gelijkwaardige bruto loonsverhoging, omdat over maaltijdcheques geen sociale bijdragen of personenbelasting verschuldigd zijn.
Bij de werkgever, of in de vennootschap van de bedrijfsleider, is de maaltijdcheque wel een verworpen uitgaven. Bij wijze van uitzondering is maximaal 2 € van de kost van een maaltijdcheques toch aftrekbaar. Deze aftrek wordt verhoogd naar 4 €, maar enkel wanneer de werkgever beslist om het nieuwe maximum bedrag van 10 € toe te passen. Bij cheques onder het maximumbedrag blijft de aftrek beperkt tot 2 €.
Daar waar maaltijdcheques bij een werknemer een uitsproken voordeel zijn (veel voordeliger dan extra wedde) is dat voor een zelfstandig bedrijfsleider vaak veel minder het geval. Als bedrijfsleider heb je immers de mogelijkheid geld uit te keren via een dividend, met een nettorendement tot 68% (na inhouding van vennootschapsbelasting en roerende voorheffing). Rekening houdend met de verschuldigde vennootschapsbelasting op het verworpen gedeelte van de maaltijdcheque, de eigen bijdrage van 1,09 € per cheque en de bestel- & leveringskosten, bieden maaltijdcheques bij bedrijfsleiders meestal maar een mager voordeel tegenover het klassiek dividend. Bedrijfsleiders die opteren voor maaltijdcheques verwijzen vaak naar het feit dat ze die cheques elke maand hebben, daar waar ze op een dividend in principe langer moeten wachten. Anderzijds kan het uitkeren van maaltijdcheques in conflict komen met andere systemen, zoals bv. de forfaitaire vergoeding voor binnenlandse of buitenlandse verplaatsingen.
Maar aanpassingen in de fiscaliteit vernieuwt de interesse in alternatieven. In jaren met een lage belastingdruk op inkomsten uit vennootschappen was een klassiek dividend vaak de beste keuze. Recente wijzigingen verzwaren echter de belastingdruk: om te genieten van het laagste tarief vennootschapsbelasting zal vanaf volgend jaar de minimum wedde worden verhoogd (lees meer). En recent werd nog beslist dat de roerende voorheffing op dividenden uit je vennootschap wordt verhoogd van 15% naar 18% (een artikel hierover verschijnt wanneer de modaliteiten van deze nieuwe maatregel zijn vastgelegd). Hierdoor daalt het maximaal nettorendement van een dividend van 68,0% naar 65,60%. Als deze tendens zich de komende jaren doorzet komen ook bij bedrijfsleiders maaltijdcheques terug op het menu.
Optimalisatie is steeds maatwerk. Bekijk met je accountant of maaltijdcheques in jouw dossier al dan niet een meerwaarde kunnen betekenen.
Meer tips & tricks?
Lees meer