Dividenden versneld uitkeren aan 15% roerende voorheffing

19/07/21 Onder bepaalde voorwaarden hoef je geen 30% toe te passen, maar kan je dividenden uitkeren aan 15% roerende voorheffing.  In de VVPR-bis regeling is één van die voorwaarden dat je minstens 3 jaar moet wachten na het jaar van oprichting.  Of toch niet?

Vennootschappen opgericht na 01 juli 2013 passen voor de dividenduitkering vaak de VVPR-bis regeling toe.  Bij het naleven van de voorwaarden (lees meer) daalt hierdoor de in te houden roerende voorheffing immers van 30% naar 15%.  Dit laagste tarief kan je wel pas toepassen vanaf de winstverdeling (lees afsluiting boekjaar) van het derde boekjaar volgend op dat van het jaar van de inbreng/oprichting.

Voorbeeld: werd uw vennootschap opgericht in 2018 en het einde van het eerste boekjaar vindt plaats op 31/12/2018, dan zal een dividenduitkering in 2021 (resultaatverdeling boekjaar 2020) onderhevig zijn aan een tarief van 20% roerende voorheffing. Een dividend uitkering in 2022 (resultaatverdeling boekjaar 2021) of later, aan het laagste tarief van 15% roerende voorheffing. Deze verlaagde tarieven zijn dan dadelijk van toepassing op alle winsten die vanaf opstart werden opgebouwd.

De fiscus aanvaardt dat deze lagere tarieven ook mogen worden toegepast bij een interim- of tussentijds dividend dat tijdens het laatste boekjaar van deze termijnen wordt uitgekeerd.  Een interim-dividend (een “voorschot” beslist door de raad van bestuur) wordt aangerekend op het resultaat van het lopende boekjaar of het voorgaande boekjaar waarvan de jaarrekening nog niet is goedgekeurd.  Een tussentijds dividend (beslist door de bijzondere algemene vergadering van aandeelhouders) wordt in principe gehaald uit de opgebouwde winsten van vorige boekjaren. Dus als de aandeelhouders na de statutaire jaarvergadering beslissen om nog een extra dividend uit te keren, dan wordt dit dividend niet toegewezen aan de resultaatverdeling van het afgelopen boekjaar, maar toegewezen aan de resultaatverdeling van het lopende boekjaar, en kan er desgevallend reeds een lager tarief worden toegepast.

Als in ons eerste voorbeeld wordt beslist om in juli 2021 een tussentijds dividend te voorzien, kan hierop reeds het tarief van 15% roerende voorheffing worden toegepast. De toekenning van dividend wordt immers toegewezen aan de resultaatverdeling van 2021.  Het is dus niet nodig te wachten tot de jaarvergadering van 2022 om van het lager tarief roerende voorheffing te kunnen genieten.

Opgelet, pas je het systeem van de liquidatiereserve toe (5 jaar wachten na het aanleggen van de winst) kan je bovenstaande techniek niet toepassen. Hier blijft het belangrijk dat de beslissing tot uitkering wordt genomen na het beëindigen van de volledige termijn van 5 jaar.

In herinnering: elke dividenduitkering moet wel de nieuwe solvabiliteits- en liquiditeitsregels volgen (lees meer). 

Twijfel je wat te doen? Bespreek met je accountant wat mogelijk is in jouw dossier om te komen tot de meest optimale beslissing.

Meer tips & tricks?

Lees meer

Als erkend accountantskantoor begeleidt Alteor de start van uw onderneming en zorgen we voor de verdere begeleiding bij de groei van uw activiteiten. 

Kwaliteit en professionaliteit krijgen een centrale plaats binnen onze dienstverlening. 

Op deze Actua pagina houden we je op de hoogte van fiscale topics, interessante weetjes, en nog veel meer.

Welkom bij Alteor !


Andere actua berichten

De aandeelhoudersovereenkomst

30/07/21 Afspraken maak je best op papier, ook die tussen aandeelhouders.  En vanaf de opstart, zodat in moeilijke tijden conflictsituaties tot een minimum beperkt blijven en de stabiliteit en continuïteit van je vennootschap wordt gegarandeerd.

Lees meer

Sinds 1 juli 2021 nog enkel de innovatie-aftrek

06/07/21 De innovatie-aftrek (kortweg IA) werd in de Belgische belastingwet geïntroduceerd op 1 juli 2016. Deze aftrek vervangt de octrooi-aftrek (kortweg OA) die niet langer voldeed aan de minimumstandaarden van de OESO.

Lees meer

Kilometervergoeding vanaf 01/07/2021

01/07/21 Federale ambtenaren krijgen vanaf 1 juli 2021 een vergoeding van 0,3707 euro per kilometer wanneer ze hun eigen wagen gebruiken bij dienstverplaatsingen. Tot 30 juni 2021 ontvingen ze daarvoor nog 0,3542 euro per kilometer. De kilometervergoeding die de fiscus aanvaardt in uw dossier is gebaseerd op dit bedrag en stijgt dus ook naar 0,3707 euro. De kilometervergoeding wordt jaarlijks op 1 juli geïndexeerd. Het bedrag van 0,3707 euro geldt dus van 1 juli 2021 tot 30 juni 2022.

Lees meer